
Waarom we explosieveilig kwarts gebruiken in badkamerverwarmers
Badkamers zijn een moeilijke omgeving voor elektronica. Er is veel stoom, plotselinge temperatuurschommelingen en veel vocht. Wanneer we infraroodverwarmers maken voor hoge plafonds, is de kwartstube meestal het eerste onderdeel dat kapotgaat.
Stel je voor dat een verwarmer op 600°C heet is. Stel je nu voor dat er een druppel koud water op terechtkomt. Met gewoon kwarts leidt dit tot een ramp: het glas kan de schokken niet aan en breekt.
Daarom gebruiken we explosieveilig kwartsl. Laat je echter niet afschrikken door de naam. Er zit geen bom in het plafond. Het betekent gewoon dat het glas bestand is tegen extreme temperatuurschommelingen, zonder te breken. We gebruiken hoogzuiver gefuseerd silicium, dat niet breekt wanneer het uitzet of krimpt. Zonder dit materiaal zou één druppel water al genoeg zijn om glasscherven in je douche te laten vliegen. Niemand wil dat.
Dan is er nog de hitte. Omdat deze apparaten vaak hoog op het plafond worden geplaatst, gebruiken we lampdraden met een hoge vermogenssterkte, zodat de warmte bij jou terechtkomt. Dit gebeurt vrijwel onmiddellijk. Maar deze hoge intensiteit zorgt voor veel stress op de plekken waar het kwarts in contact komt met de andere onderdelen.
We gebruiken speciale afsluitingsmiddelen om te voorkomen dat het halogeengas ontsnapt. Als deze afsluiting faalt, brandt de lampdraad al na enkele uren uit, waardoor de badkamer koud blijft.
Maar er is nog een probleem: deze apparaten worden erg heet. Als je ze te dicht bij plastic plafondpanelen of goedkope isolatie plaatst, kan dit leiden tot beschadigingen aan het apparaat. Zorg er dus voor dat er minstens 10 cm ruimte rondom het apparaat is. Dit voorkomt dat de hitte in het plafond doordringt en zorgt ervoor dat alles veilig blijft functioneren.